Consumenten moeten het vanaf volgend jaar in veel warenhuizen en supermarkten doen zonder sfeervolle achtergrondmuziek. Winkeliers zijn het spuugzat dat ze vanaf 1 januari 2009 opnieuw worden geconfronteerd met een exorbitante stijging van de muziek- en auteursrechten.
SENA, de organisatie die samen met BUMA verantwoordelijk is voor het incasseren van de rechten van componisten, uitvoerend kunstenaars en platenmaatschappijen, wil volgend jaar de wettelijke afdracht met 33 procent verhogen.
Follow up:
SENA reageert verbijsterd op de kritiek en aantijgingen. "Het is een hetze om gewoon niet te betalen voor gebruik van een product van een ander", zegt SENA-zegsman Anne Sevinga.
De Raad Nederlandse Detailhandel (RND) vindt die stijging schandalig en onacceptabel en eist het ingrijpen van de overheid. In ons land zijn twintig instanties belast met auteursrechten zoals Gesac, Stichting De Thuiskopie, BREIN en Videma. "Daar moet definitief een einde aan komen", aldus RND-secretaris Linda Herkema.
De RND wil dat er een centrale auteursrechtenorganisatie in ons land komt. "Natuurlijk moet er voor het draaien van sfeermuziek worden betaald. Maar het gaat er ons om dat de heffingen alsmaar zonder onderbouwing stijgen. Alles bij elkaar is het een behoorlijk bedrag dat jaarlijks door winkeliers opgehoest moet worden."
De branche verwacht dat het winkelend publiek straks zonder gezellige muziek de boodschappen moet doen. "Zij worden nu de dupe van de regelgeving", aldus Herkema.
Minister Hirsch Ballin (Justitie), verantwoordelijk voor auteursrechten, moet volgens de winkeliers daarom paal en perk stellen als het gaat om de hoogte van de heffingen. "Als je muziek wilt draaien in een winkel in Nederland, dan ben je overgeleverd aan de grillen van de SENA. Gaat de prijs omhoog? Dan heb je die te betalen. Daarom denken wij dat voor veel winkeliers het simpelweg te duur wordt."