Van de Belgen woont naar schatting nog maar zeven pct wekelijks de misviering bij. Dat blijkt uit een studie van het Centrum voor Politocologie van de KU Leuven in opdracht van de Belgische bisschoppenconferentie.
De studie - om de zeven tot acht jaar wordt een dergelijke telling uitgevoerd -bevestigt dat de kerkpraktijk verder achteruit gaat. In 1998 ging naar schatting nog 11 pct van de bevolking wekelijks naar de mis.
Het aantal borelingen dat gedoopt wordt, zit ook in dalende lijn. In 1998 ging het nog om 64,7 pct van de borelingen, in 2006 was dat aantal gedaald tot 56,8 procent.
Follow up:
Het aantal kerkelijke huwelijken (een vermindering van 49,2 tot 26,7 pct) en het aantal kerkelijke begrafenissen (van 76,6 tot 61 pct) daalde in die periode nog sterker.
Volgens de Leuvense onderzoekers zet de secularisering zich aan hetzelfde tempo door als de jongste decennia, maar er blijven grote verschillen tussen de gewesten. De kerkpraktijk blijft in Vlaanderen het hoogst en het laagst in het Brussels hoofdstedelijk gewest.
Een belangrijke breuklijn is die tussen stad en platteland. Terwijl in de plattelandsgemeenten soms nog cijfers tot 90 procent gehaald worden, ligt de kerkpraktijk bijzonder laag in het centrum van Brussel.
West-Vlaanderen, de Antwerpse Kempen, Limburg, de Oostkantons en de streek rond Doornik scoren relatief hoog inzake kerkbezoek. Het stedelijk centrum tussen Antwerpen, Brussel en Charleroi scoort laag.
Toch blijft de katholieke kerk zeer sterk ingeplant in ons land. In totaal werkt twee pct van de bevolking - of 200.000 mensen - als vrijwilliger mee aan het parochiale verenigingsleven.
In een reactie zegt kardinaal Godfried Danneels niet verbaasd te zijn over het dalende kerkbezoek. Die trend is immers al in de jaren zestig ingezet.
Maar de cijfers zijn volgens Danneels maar een onvolledige weergave van de brede kerkbeleving in de praktijk.
Hij wijst erop dat in het percentage van de zondagspraktijk een aantal elementen niet zijn meegerekend, zoals het aantal gelovigen dat thuis de communie ontvangt, de eucharistie via radio of tv volgt of naar de mis gaat in een abdij of een rust- en verzorgingstehuis.
Bovendien zijn er meer christengelovige mensen dan degenen die op naar de kerk gaan, aldus de kardinaal.