De koers van de euro ten opzichte van de dollar is gestegen tot boven de 1,40 dollar. Dat is voor het eerst sinds de introductie van de Europese munt in 1999. De euro noteerde vlak na de opening van de Europese beurzen 1,4063 dollar.
De dollar begon eerder al sterk te dalen na de renteverlaging in de Verenigde Staten. Door de lagere rente wordt de dollar voor valutahandelaren minder aantrekkelijk. De verkoop van de Amerikaanse munt ging onverminderd voort.
Follow up:
Verscheidene analisten voorspelden dat de dollar de komende maanden nog verder onderuit zou zakken. ,,Dit is onbekend terrein. Maar we verwachten een stand van zo'n 1,42'', aldus een analist. De Federal Reserve, het stelsel van Amerikaanse centrale banken, verlaagt mogelijk later dit jaar de rente nog verder.
De opmars van de euro is sinds haar introductie geleidelijk verlopen. In 2000 was een euro nog 82 dollarcent waard. En in de eerste jaren na de feitelijke introductie van de eenheidsmunt kreeg toenmalig ECB-president Wim Duisenberg regelmatig de vraag of hij zich zorgen maakte over de lage eurokoers.
Economen hebben berekend dat de euro een theoretische top heeft van $1,4550. Dat cijfer is berekend op basis van de waarde van de munten die destijds in de euro zijn opgegaan. Analisten houden er inmiddels rekening mee dat een hogere top, rond de $1,50, in het verschiet ligt.
Een dure euro heeft voor bewoners van de eurozone het voordeel dat ze de stijgende, in dollars uitgedrukte olieprijzen minder hard in de portemonnee voelen. Dat remt de inflatie. Daarnaast worden goederen uit dollarlanden en vakanties naar de VS steeds goedkoper.
Exporterende bedrijven daarentegen worden voor niet-eurolanden steeds duurder. Ook kunnen de winstcijfers van AEX-genoteerde bedrijven onder druk komen te staan. De Amsterdamse effectenbeurs is gevoelig voor koerswisselingen, omdat veel bedrijven met een AEX-notering een groot deel van hun inkomsten in de VS verdienen.