Het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) wil meer 45-plussers aan een baan helpen. Voor werkloze ouderen is het moeilijk een nieuwe baan te vinden. Zij merken nog te weinig van het aantrekken van de economie.
„Je ziet het in onze bestanden. Die zijn het afgelopen driekwart jaar met 9 tot 10 procent gedaald. Maar onder 45-plussers is dat maar 1 procent”, aldus CWI-voorzitter Rens de Groot. Daarom wil hij die groep extra aandacht geven.
Het voormalige Arbeidsbureau zet daarvoor driehonderd mensen in. Die hebben daar nu de tijd voor, omdat er minder nieuwe werklozen zijn. Het streven is in een jaar 20.000 45-plussers aan werk te helpen.
Bij het CWI staan ongeveer 230.000 werkzoekenden van 45 jaar en ouder ingeschreven. De kans dat zij in het eerste halfjaar van hun werkloosheid een baan vinden, is nu minder dan 10 procent. Daarna neemt die kans alleen maar af.
Follow up:
De driehonderd CWI-medewerkers gaan werkgevers benaderen om hen ervan te doordringen dat ouderen voor hen van nut kunnen zijn. Werkgevers hebben er in de vergrijzende samenleving belang bij zich ook op ouderen te richten, aldus De Groot. „Maar zij hebben vaak het idee: wat moet ik met ouderen.” Zij denken bijvoorbeeld dat ouderen minder productief zijn, maar onderzoek maakt duidelijk dat dat niet zo is.
Een ander punt is dat vaak wordt gezegd dat ouderen duur zijn. Dat is per sector verschillend en hangt onder meer af van de cao, zegt De Groot. Sommige cao's geven ouderen veel extra verlofdagen. „Dat soort regelingen zou misschien een beetje moeten worden teruggeschroefd.”
Ook hebben sommige ouderen nog recht op 'vut-achtige“ regelingen. De overheid kan hen stimuleren langer door te werken door dat fiscaal aantrekkelijk te maken, meent De Groot.
De CWI-medewerkers gaan ook meer tijd aan de ouderen besteden. Zij gaan kijken wat voor verborgen talenten en vaardigheden zij hebben. Op die terreinen kunnen zij dan diploma's halen. „Dan zie je hun zelfvertrouwen toenemen. En zelfvertrouwen uitstralen is uiterst belangrijk in een sollicitatieprocedure.”